Kinderpraktijk Landaya

Ontwikkelingsfasen

Kinderen van alle leeftijden kunnen terecht bij de Kinderpraktijk Landaya.

Baby’s en hun mama’s die het gezamenlijke ritme nog aan het zoeken zijn. Drammerige peuters en kleuters die maar heel moeilijk afscheid kunnen nemen. Schoolkinderen die hun plek in de groep zoeken, tieners met hun gierende hormonen en jong volwassenen met hun onzekerheid.

Eén ding hebben ze allemaal gemeen, ze moeten leren vertrouwen krijgen. Vertrouwen dat ze het kunnen, vertrouwen dat er van ze gehouden wordt, vertrouwen dat ze er mogen zijn.   

 

Baby's en Dreumesen 0-2 jaar

Peuters 2-4 jaar

Kleuters 4-6 jaar

Schoolkinderen 6-12 jaar

Tieners 12-18 jaar

Volwassenen 18 jaar en ouder

 

De drijfveer bij deze fase is veiligheid en geborgenheid. 

                      

Vanuit de vertrouwde, warme baarmoeder, waar je niks hoefde te doen dan groeien kom je dan opeens de wereld in. Er is veel licht, kou en er is zwaartekracht.

Gelukkig is daar de vertrouwde stem van mama en haar vertrouwde geur. Je kunt lekker bij haar wegkruipen en je te goed doen aan haar warme melk.

Vanuit die veilige armen, ga je vervolgens de wereld ontdekken.

In geen enkele andere periode in je leven, verandert er zo veel. Je lijfje wordt twee keer zo groot en je leert dat je met je armen en benen de wereld kunt grijpen en bewandelen. Om dit te kunnen doen, hebben baby’s de geborgenheid van hun ouders nodig, de veilige haven waar ze iedere keer weer naar terug kunnen keren. Zich onderdompelen in de onvoorwaardelijke liefde. In deze fase ervaart het kind nog geen grenzen tussen zichzelf en zijn ouders, er is een zogenaamde symbiose. Er is nog geen individu, alleen een wij.

 

De drijfveer bij deze fase is durf en kracht.

 


De peuter begint voor het eerst te ervaren dat er een ik is. Hij ontdekt dat het zijn eigen kracht heeft. Een kind ontwikkelt in deze fase zijn durf, soms is hij overmoedig en moeten ouders hem afremmen om ongelukken te voorkomen. Dan komen ouders zijn kracht tegen, want niet ieder kind laat zich zomaar afremmen. Soms durft een kind nog niet in zijn kracht te gaan staan, hij blijft liever dicht bij zijn ouders. Dan ontstaan problemen als verlatingsangst, moeite met verandering, bang in het donker en slaapproblemen. Maar soms schiet het kind juist te ver door in zijn kracht, met als gevolg dat hij heel vaak de grenzen op zoekt en in conflict gaat als hij er eentje tegenkomt.

 

De drijfveer bij deze fase is zekerheid, duidelijkheid en structuur kleuter picknicken met mama

 

 

 

 

 

 

 

 

Als kleuter ga je voor het eerst naar de basisschool. Sommige kinderen kunnen niet wachten tot het zover is, anderen hebben moeite met deze overgang.

Kleuters gaan op zoek naar het HOE in de wereld, ze ontdekken oorzaak en gevolg en genieten ervan als dingen gaan zoals ze altijd gaan. Dat betekent dat betrouwbaarheid ontzettend belangrijk voor ze is. Wanneer ze dat onvoldoende voelen, kunnen er klachten ontstaan als: angsten, buikpijn, onzekerheid, moeite met overgangen, opzien tegen nieuwe dingen.

In de kleuterfase gaan kinderen vaste gewoontes ontwikkelen en vaste patronen van hun ouders verwachten. Kleuters leren voor het eerst eigen verantwoordelijkheid en daardoor ontstaat ook voor het eerst gevoelens als schaamte, hierdoor kan de spontaniteit die het kind als peuter had, omslaan in verlegenheid als kleuter.

 

De drijfveer bij deze fase is vooruitgang, resultaten en prestaties willen laten zien 

Schoolkinderen zien de wereld als een plek vol kansen en mogelijkheden en hebben een natuurlijke drijfveer om deze ook te benutten. Maar sommige kinderen blijven hangen in de vorige fase en blijven zich vasthouden aan de vaste gewoontes die hij als kleuter heeft ontwikkeld. Deze kinderen hebben coaching nodig om die zekerheid langzaam aan wat los te laten en zich vertrouwd te gaan voelen met de veranderingen die zich in deze fase voordoen. Voor schoolkinderen is het prettig wanneer er duidelijke doelen gesteld worden. En daar hoort dan ook meteen bij dat hij heel graag wil dat anderen zien wat hij al kan, hij wil zijn resultaten laten zien en ervoor gewaardeerd worden. Wanneer dit op de een of andere manier niet gebeurt, kan hij onaangepast gedrag gaan vertonen en veel boosheid laten zien. Maar hij kan het ook opgeven en zich terugtrekken in zichzelf.

Als een kind te ver doorschiet in het perfect willen zijn, kan het gebeuren dat hij geen aansluiting meer kan vinden bij de groep.

Verder begint met deze leeftijd vaak het pesten of het gepest worden.

 

 

De drijfveer bij deze fase is het voorop stellen van mensen en hun sociale verbanden 

In de tienerfase gaat het vooral om gevoel. Het kind begint zijn eigen gevoelsleven en seksualiteit te ontdekken, maar ook bij anderen. In principe leert het kind in deze fase de liefde, die het tot nu toe van zijn ouders heeft ontvangen, door te geven aan zijn eigen generatie. Een kind in deze fase kan geneigd zijn om niet de gevoelens van zichzelf maar van anderen centraal te stellen. Daardoor kunnen de volgende problemen ontstaan: gebrek aan motivatie, concentratieproblemen, depressieve gevoelens en eenzaamheid.

Met het ontdekken van zijn eigen gevoelsleven, onttrekt de puber zich aan de regels van het gezin. De enorme sensitiviteit van een puber, maakt dat hij last kan hebben van veel impulsen en erg gevoelig is voor spanningen. Het is daarom erg belangrijk voor hem dat iedereen om hem heen zich prettig voelt. Hierdoor ontstaan zijn idealen, het lijkt hem het beste als alles en iedereen bijdraagt aan een sociale samenleving. Omdat dat natuurlijk niet de werkelijkheid is, kan de tiener enorm opstandig worden.

Voor ouders is het vaak moeilijk om met hun puberende zoon of dochter om te gaan. Het is dan ook belangrijk om te weten dat tieners anderen beoordelen op hun intenties. Als ouder kun je dus het beste vanuit je intentie contact maken met je kind.

 

 

De drijfveer bij deze fase is willen analyseren, begrijpen en doorgronden 

 

Als de gevoelens van de puber eindelijk een plek hebben gevonden, gaat de jonge volwassene een richting zoeken voor het verdere leven. Hij wil de feiten en de samenhang kennen want dat geeft hem houvast bij het kiezen. Maar het leven zit helaas niet altijd logisch in elkaar. Het is in deze fase dan ook belangrijk om het contact met het gevoelsleven niet te verliezen, omdat deze jonge mensen kunnen doorslaan in het analyseren. Ook vrijheid is enorm belangrijk in deze fase; “zeg me niet wat ik moet denken, en dwing me niet dingen te doen die ik niet begrijp”.

Veel voorkomende problemen in deze fase zijn: hoofdpijn, chronische vermoeidheid, stress, burnout, gebrek aan zelfvertrouwen en faalangst.